Nieuws & Tips voor het MKB

HomeOverzicht Nieuws & Tips voor het MKB (Page 184)

Maakt u als ondernemer gebruik van de diensten van zelfstandige ondernemers? Houd dan in de gaten of feitelijk sprake is van een dienstbetrekking. Controleert u onvoldoende of de zelfstandige ook echt als zelfstandige ondernemer kan worden aangemerkt, dan loopt u het risico op een naheffingsaanslag loonheffingen.

Hof ‘s-Hertogenbosch heeft onlangs uitspraak gedaan in een zaak over een schoonmaker die voorheen in dienstbetrekking werkzaam was bij een restaurant en later beweerde als zelfstandige te werken. De schoonmaker ontving hiervoor een bedrag gelijk aan zijn oude brutoloon en zou zelf zorgdragen voor alle afdrachten. Bij controle bleek dat nooit aangiften inkomstenbelasting waren gedaan, geen inschrijving bij de Kamer van Koophandel was gedaan, geen BTW-nummer was aangevraagd en er nooit een verklaring arbeidsrelatie (VAR) was gegeven of gevraagd.

Ondernemer nalatig
Het Hof oordeelde dat sprake was van een gewone dienstbetrekking en dat de ondernemer het had nagelaten uit te zoeken of de schoonmaker wel echt aangemerkt kon worden als een zelfstandige ondernemer. De ondernemer moest de niet afgedragen loonheffing alsnog betalen.

Tip
Maakt u gebruik van de diensten van zelfstandige ondernemers en twijfelt u of er sprake is van een dienstbetrekking, vraag dan altijd naar een VAR. U heeft dan zekerheid over de situatie waarin de werkzaamheden worden verricht en voorkomt een vervelende naheffingsaanslag.

  • Gepubliceerd op
Lees verder

De Belastingdienst heeft onlangs aangegeven steeds meer geïnteresseerd te zijn in het tankgedrag van ondernemers. Voor de aftrek van de BTW op brandstof is vereist dat degene die de brandstof afneemt, traceerbaar is door de wijze van betalen. Daar ligt bij veel ondernemers nu juist het probleem…

Voorwaarde aftrek BTW
Voor u als ondernemer is de BTW op brandstof aftrekbaar wanneer traceerbaar is dat u de brandstof rechtstreeks heeft betaald. Dit is het geval wanneer u bijvoorbeeld met een tankpas, bankpas of creditcard betaalt. Voor uw eventuele werknemers geldt dat zij met een door u verstrekte tankpas of zakelijke bankpas moeten tanken. Het komt echter vaak voor dat contant afgerekend wordt en dan is traceren niet mogelijk. Dit heeft tot gevolg dat de betaalde BTW op die brandstof niet aftrekbaar is.

Naheffing en boete
Uit de praktijk blijkt dat de aftrek van BTW over deze contant betaalde brandstof vaak wel geclaimd wordt. Mocht de fiscus bij u op bezoek komen en dit constateren, dan kan een naheffing en zelfs een boete opgelegd worden. Mede gezien het feit dat daarbij tot vijf jaar teruggekeken mag worden, kan dit financieel grote gevolgen hebben.

Bonnen
Bij een onderzoek dat vijf jaar teruggaat, is het van groot belang dat u uw administratie op orde heeft. De originele tankbonnen vervagen echter vaak, waardoor ze na verloop van tijd niet meer leesbaar zijn. Dan wordt het nog moeilijker om te bewijzen dat u de brandstof rechtstreeks betaald heeft.

Tip
Betaal uw brandstof altijd met een tankpas, bankpas of creditcard en laat uw eventuele werknemers met een door u verstrekte tankpas of zakelijke bankpas tanken. Mocht het toch een keer voorkomen dat er contant afgerekend wordt, vraag dan in ieder geval om een geschreven bon met daarop vermeld de bedrijfsnaam en het BTW-bedrag. Op die manier vermindert u de kans op vervelende fiscale gevolgen!

  • Gepubliceerd op
Lees verder

Als u binnenkort van plan bent om een andere auto (van de zaak) aan te schaffen, kies dan voor schoon en zuinig. Het kabinet heeft namelijk een aantal wetsvoorstellen opgenomen in de Miljoenennota 2008 om de aankoop en het gebruik van milieuvriendelijke auto’s te stimuleren.

Fiscale bijtelling auto van de zaak
Voorgesteld is om vanaf 1 januari 2008 de fiscale bijtelling voor het privégebruik van de auto van de zaak te verlagen van 22% naar 14% (van de catalogusprijs inclusief BTW en BPM). Deze verlaging geldt echter alleen voor zeer zuinige auto’s. Van zeer zuinige auto’s is sprake als de:
• CO2-uitstoot minder dan 95 gram per kilometer voor een dieselauto bedraagt;
• CO2-uitstoot minder dan 110 gram per kilometer voor overige auto’s bedraagt.

Als uw auto hier niet aan voldoet, krijgt u vanaf 1 januari 2008 te maken met een bijtelling voor het privégebruik van 25% (is nu 22%).

BPM/ MRB
In de aanloop naar de invoering van de kilometerheffing vanaf 2011 wil het kabinet de belasting van personenauto’s en motorrijwielen (BPM) vanaf 1 januari 2008 jaarlijks met 5 procent verlagen. Dat wil zeggen dat de aanschaf van een auto de komende 5 jaar goedkoper wordt. Tegelijkertijd wordt de motorrijtuigenbelasting (MRB) in diezelfde periode verhoogd met ongeveer 7,2 %. Maar als u een auto rijdt die onder de categorie (zeer) zuinige auto’s valt, kunt u profiteren van diverse belastingbesparingen. Het voorstel is om vanaf 1 februari 2008 de wegenbelasting te halveren voor zeer zuinige auto’s. Ook wil het kabinet de BPM-korting (bonus) verhogen voor deze auto’s van 1000 naar 1400 euro.

Naast deze belastingbesparende maatregelen voor zuinige auto’s, zijn er ook diverse belastingverzwarende maatregelen voorgesteld voor vervuilende en onzuinige auto’s.

Tip
De bovengenoemde maatregelen zijn voorstellen en dus nog niet definitief. Bij de keuze voor een nieuwe auto (van de zaak) kunt u de bovenstaande wetsvoorstellen echter wel in gedachten houden. De kans is groot dat het u vanaf 2008 veel geld kunt besparen wanneer u kiest voor een zuinige en milieuvriendelijke auto!

  • Gepubliceerd op
Lees verder

De eigenwoningreserve die ontstaat wanneer u uw woning met winst verkoopt, kunt u verminderen door de verbouwingskosten af te trekken. Tot op heden kon dat alleen bij € 5.000,- of meer per kalenderjaar. Deze regeling is, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2004, komen te vervallen. Als gevolg hiervan kunt u nu ook (kleine) verbouwingskosten sneller in aftrek brengen op uw eigenwoningreserve.

Een eigenwoningreserve wordt bepaald door de opbrengst van de verkoop minus de verkoopkosten en eigenwoningschuld (meestal de bestaande hypotheek). Het doel van de reserve is dat u gestimuleerd wordt de overwinst te gebruiken voor de aankoop van een nieuwe woning. Leent u dit bedrag toch, dan is dit deel van de betaalde hypotheekrente niet aftrekbaar. Een (eventuele resterende) eigenwoningreserve wordt voor een periode van 5 jaar vastgesteld. Verbouwingskosten mogen hierop in mindering worden gebracht. Na deze periode komt ze te vervallen.

Op een gevormde reserve mogen dus de door u met eigen geld gefinancierde verbouwingen in mindering komen. Tot voor kort was het zo dat dit pas kon wanneer de kosten boven de € 5.000,- per jaar uitkwamen. Er werd daarbij geen rekening gehouden met gemaakte kosten uit andere jaren. Deze maatregel werd als onredelijk ervaren. Dat vond de overheid ook. De eerder vastgestelde grens is met het nieuwe besluit komen te vervallen. U hoeft dus niet meer met uw kleine verbouwingen te wachten en op te sparen. Het besluit heeft terugwerkende kracht tot 1 januari 2004.

Tip
Vanaf nu kunt u ook alle kleine verbouwingskosten in mindering brengen op een openstaande eigenwoningreserve. Hierdoor kunt u eerder een fiscaal aftrekbare hypothecaire lening afsluiten voor de verbouwing van (een deel van) uw woning. Bewaar wel de facturen!

  • Gepubliceerd op
Lees verder

Voortaan is het mogelijk de Blackberry of een andere zogeheten smartphone onbelast te verstrekken aan uw personeel. De Blackberry valt voortaan namelijk onder dezelfde fiscale regeling als andere communicatiemiddelen.

De staatssecretaris heeft onlangs besloten dat de Blackberry voortaan hetzelfde wordt behandeld als mobiele telefoons en internet. Vrije verstrekking is dan al toegestaan bij een zakelijk gebruik vanaf 10%. Daar zal natuurlijk al snel aan worden voldaan.

Op dit moment valt de Blackberry nog onder de computers. Voor computers is een belastingvrije vergoeding pas mogelijk bij een zakelijk gebruik vanaf 90%. De telefoonfunctie werd gezien als ondergeschikt aan de computerfunctie. De staatssecretaris heeft nu aangegeven dat deze interpretatie niet langer geldt.

Tip
Vanaf het moment dat de Blackberry onder de regeling voor communicatiemiddelen valt, is het een stuk voordeliger deze aan uw personeel te verstrekken. Het zakelijk gebruik van 10% wordt snel gehaald en het gebruik ervan kan voordelen voor uw organisatie opleveren.

  • Gepubliceerd op
Lees verder

Sinds 2006 wordt de belasting over het privé-gebruik van de auto maandelijks via de loonadministratie verwerkt. Wanneer uw werknemer minder dan 500 km privé in een zakelijke auto rijdt, kan hij/zij aan een bijtelling ontkomen door vooraf een ‘verklaring geen privé-gebruik’ te ondertekenen en af te geven. Aangezien het kabinet de privé-bijtelling voor zakelijke rijders weer wil gaan verhogen, wordt dit extra belangrijk. Wat bijvoorbeeld als u bijtelling heeft toegepast en uw werknemer deze achteraf onterecht vindt?

Het is mogelijk dat bij uw werknemer met een auto van de zaak achteraf blijkt dat een bijtelling onterecht heeft plaats gevonden. Onlangs heeft de Belastingdienst vier alternatieven gegeven om dit te corrigeren:

1. Uw werknemer overlegt aan u bewijs (bijvoorbeeld een sluitende rittenregistratie). Vervolgens dient u correctieberichten in over de al verstreken inhoudingtijdvakken, waarin de bijtelling onterecht is verwerkt.
2. Uw werknemer geeft bij de fiscus aan dat bijtelling onterecht was door middel van een bezwaarschrift of ‘verzoek om ambtshalve vermindering’ en overlegt daarbij de bewijsstukken. De Belastingdienst legt vervolgens een (negatieve) correctieverplichting aan u op.
3. Uw werknemer geeft een lager loon (zonder de bijtelling) op in zijn/haar aangifte inkomstenbelasting, maar wel de daadwerkelijk ingehouden loonheffing. De teveel ingehouden loonheffing wordt dan met de aanslag inkomstenbelasting verrekend. Uw werknemer zal het noodzakelijke bewijs wel moeten kunnen leveren, wanneer daarom gevraagd wordt.
4. Wanneer de aanslag inkomstenbelasting over het betreffende jaar al vastgesteld is, staat bezwaar voor uw werknemer bezwaar open. Hij/zij overlegt het daarvoor noodzakelijke bewijs.

Tip
Voor u zijn de opties 3 en 4 het meest eenvoudig. Uw werknemer regelt immers zijn/haar zaken zelf via de aangifte inkomstenbelasting. Bij de eerste twee opties blijft u betrokken, omdat de correcties via de loonheffing worden verwerkt. Als bij een loonbelastingcontrole blijkt dat het bewijs onvoldoende of onjuist is geweest, kunt u worden geconfronteerd met een naheffingsaanslag. Leg alles daarom zorgvuldig vast!

  • Gepubliceerd op
Lees verder

De belastingdienst is van plan het aantal loonbelastingcontroles in 2007 op te voeren van 7.000 naar 38.000. Per 1 januari is de loonbelastingverklaring afgeschaft en mogen de noodzakelijke gegevens vormvrij worden vastgelegd. Het belang hiervan blijft echter groot; indien u deze gegevens niet of niet volledig vastlegt, kunt u gestraft worden met het anoniemtarief.

Identiteit
Het is wettelijk geregeld dat u een werknemer die u in dienst neemt vooraf moet identificeren. Dit moet u doen aan de hand van een origineel, geldig identiteitsbewijs. Dit is bijvoorbeeld een Nederlands paspoort of identiteitsbewijs, een verblijfdocument van de Vreemdelingendienst I t/m IV of een nationaal paspoort of ID-bewijs van een land van de Europese Economische Ruimte. Belangrijk is te weten dat een rijbewijs in dit geval géén geldig identiteitsbewijs is.

Van het identiteitsbewijs moet u een kopie bewaren in uw eigen administratie. Let op dat u alle bladzijden met persoonlijkheidskenmerken kopieert en dat de foto goed herkenbaar is. U bent verplicht de kopie te bewaren tot minimaal 5 jaar na het einde van het kalenderjaar waarin de dienstbetrekking met de desbetreffende werknemer is beëindigd.

Schriftelijke verklaring
Doordat de verplichte loonbelastingverklaring per 1 januari 2007 is vervallen, moet een nieuwe weknemer zelf een schriftelijke verklaring bij u indienen voordat hij bij u aan het werk gaat. Hierin moet de werknemer zijn naam en voorletters, adres, postcode en woonplaats, (evt.) land en regio. Geboortedatum en burgerservicenummer (BSN) opnemen. Deze verklaring moet gedagtekend en ondertekend zijn.

Ook moet een nieuwe werknemer een schriftelijk verzoek bij u indienen voor het toepassen van de loonheffingskorting. Wanneer hij deze loonheffingskorting bij u niet meer wil of mag toepassen, moet hij u dit eveneens schriftelijk verzoeken. Deze verzoeken moeten voorzien zijn van dagtekening en ondertekend zijn.

Goed vastleggen
Ondanks het afschaffen van de loonbelastingverklaring, moet u de noodzakelijke gegevens dus nog steeds tijdig en volledig vastleggen. Er wordt door de Belastingdienst tegenwoordig een zogenoemd ‘zero tolerance’-beleid gevoerd waarbij herstel achteraf niet meer mogelijk is. Om uw gegevens goed te documenteren kunt u gebruik maken van een ‘Model opgaaf gegevens voor de loonheffingen’, welk te downloaden is via de site van de Belastingdienst.

Tip
Controleer goed of u over alle benodigde en juiste gegevens beschikt in uw administratie. Hiermee voorkomt u naheffingen en boetes in geval van controle door de Belastingdienst. Om zeker te weten dat uw loonadministratie juist is, kunt een loonbelastingcheck laten uitvoeren. Neem hiervoor contact met ons op.

  • Gepubliceerd op
Lees verder

Zijn uw innovatieplannen van tafel geveegd, omdat de kosten van innovatie de opbrengsten zouden overstijgen? Er zijn MKB-innovatiesubsidies beschikbaar die uw plannen nieuw leven in kunnen blazen. Vooral de WBSO-regeling kan interessant voor u zijn!

Onderzoek naar innovatie
Onderzoek naar innovatie kan al subsidie opleveren dankzij de WBSO-regeling: een korting op de loonbelasting over uren die besteed zijn aan innovatie. Denk hierbij aan een nieuw product of proces. Tot en met een brutoloonsom van € 110.000,- per jaar, bedraagt de korting 42 % van de brutoloonkosten per uur van uw eigen werknemers. Is er meer dan € 110.000,- brutoloonkosten besteed aan innovatie, dan ontvangt u over het meerdere 14 % subsidie.

Voorbeeld
U en uw drie medefirmanten besteden gezamenlijk op jaarbasis 1000 uur aan onderzoek naar innovatie tegen een brutoloon van € 60,- per uur. U blijft dan onder de grens van € 110.000,- en bent zodoende slechts € 34,80 (ofwel 58 % van € 60,-) kwijt aan brutoloon per uur. Dit is een besparing van €25.200,- ofwel 42 % van € 60.000,-! Stel: U besteedt 2000 uur aan onderzoek naar innovatie. Uw korting bedraagt dan (€ 110.000 x 42 %) + ((€ 120.000 – € 110.000) x 14 %) = € 47.600,-. Dit komt neer op een korting van 40 %. U ziet dat naarmate de drempel wordt overschreden, de effectieve korting afneemt.

Technostarter
Bent u een startend bedrijf met een innovatief technisch product of dienst (ofwel een Technostarter), dan komt u bij onderzoek naar innovatie ook in aanmerking voor een subsidie. De subsidievorm is voor inhoudingsplichtigen anders dan voor zelfstandige ondernemers. Startende inhoudingsplichtigen mogen een loonbelastingkorting van 60 % over de eerste € 110.000,- toepassen. Bovendien komen startende zelfstandigen onder voorwaarden in aanmerking voor de ‘speurders en ontwikkelings’-aftrek en starters S&O-aftrek van samen € 17.155,- (2007).

Tip
Uit een evaluatieonderzoek is gebleken dat gebruikers dankzij de WBSO-regeling meer omzet uit nieuwe producten halen en daarmee een grotere productie. Raadpleeg voor meer informatie over deze subsidie uw adviseur.

  • Gepubliceerd op
Lees verder

Inkomstenbelastingschulden zijn normaal gesproken niet aftrekbaar van uw ‘box 3’-inkomen. Er is echter één uitzondering: Wanneer u uw belastingschuld niet meer vóór 31 december kon betalen, omdat een (nadere) voorlopige aanslag nog niet is opgelegd en u daar wel tijdig om heeft verzocht.

Verzoek om een (nadere) voorlopige aanslag
De belangrijkste voorwaarde is dat u een verzoek doet voor het opleggen van een (nadere) voorlopige aanslag en wel vóór 1 oktober van het kalenderjaar. Een spontane betaling van de inkomstenbelastingschuld levert geen extra aftrek op, omdat er nog geen sprake is van een formele belastingschuld.

Aanslag niet of te laat opgelegd
Waneer de inspecteur de (nadere) voorlopige aanslag niet voor 31 december oplegt, waardoor u uw inkomstenbelasting niet meer voor die datum kunt betalen, dan mag u deze belastingschuld op 31 december als betaald beschouwen en daarom aftrekken van uw ‘box 3’-inkomen.

Tip
Indien u vermoedt dat u een inkomstenbelasting moet (bij)betalen is het van belang vóór 1 oktober een verzoek tot het opleggen van een (nadere) voorlopige aanslag in te dienen bij de Belastingdienst.

  • Gepubliceerd op
Lees verder

Met de verwachte invoering van de vereenvoudigde wetgeving voor BV’s per 1 januari 2008 wordt ook de wetsaanpassing voor personenvennootschappen verwacht. De wijzigingen voor personenvennootschappen hebben belangrijke juridische gevolgen voor u.

Hoofdelijk aansprakelijk
De (openbare en stille) maatschappen, commanditaire vennootschap en vennootschap onder firma worden automatisch een openbare vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid. Het gevolg is dat de maten/vennoten hoofdelijk aansprakelijk worden (met uitzondering van de commanditair). Dit is een ingrijpende verandering omdat de maatschap juist een beperkte aansprakelijkheid kent.

Toe- en uittredingsregels
Ook de toe- en uittredingsregels zullen veranderen. In beginsel zal een openbare vennootschap blijven bestaan, tenzij in de overeenkomst anders bepaald is. Onder het huidige recht houdt de samenwerking op te bestaan bij uittreding, tenzij een verblijvings-, toebedelings- of voortzettingsbeding is overeengekomen.

Rechtspersoonlijkheid
U kunt kiezen voor rechtspersoonlijkheid van de openbare vennootschap. Dit heeft weliswaar géén gevolgen voor de aansprakelijkheid, maar biedt u de mogelijkheid om het samenwerkingsverband eigenaar van zaken te laten worden. De vennootschap kan dus in het wetsvoorstel eigenaar worden van onroerende zaken. Dit vereenvoudigt het toe- en uittreden.

Tip
Met name de verwachte wijziging in de aansprakelijkheid zou de aanleiding kunnen zijn om het samenwerkingsverband opnieuw te beoordelen. Is dit dan toch het moment om een BV op te richten?
Vraag uw adviseur om informatie.

  • Gepubliceerd op
Lees verder